5 %

Vijfennegentig procent van wat ik heb geschreven in de vorige fragmenten is waar. Dat is veel te veel naar mijn goesting. Ja, het lijkt hier op een blog, opgebouwd uit dagboeknotities, en dan wordt dat ergens verwacht, maar toch maak ik liever scheurtjes in elke dag. Via die kiertjes giet ik een flinke scheut verbeelding naar binnen en vul ook die datum weer met folietjes. Ik wil raken en ontroeren.

Rake woorden. Raken aan een kern, die waar is, niet omdat het omhulsel waargebeurd is, maar omdat de essentie ervan voelbaar is, omdat het ontroerd.

‘Waargebeurde verhalen raken het hardst,’ zegt die ene vriend, die nooit gelijk hoeft te hebben in een discussie.

Ik zucht, een halve glimlach op mijn gezicht, en het lijkt alsof ik hem gelijk geef. Hij leest me het liefst van iedereen die me ooit zal lezen.

Ze zijn gewoon met teveel, de waargebeurde dingen. Elke dag opnieuw overspoelen ze me. Ik kan het niet om ze niet te voelen. Op één en dezelfde dag heb ik

het begin van een zelf geschreven sonnettenkrans voorgedragen aan mijn familie – mijn ouders een krop in de keel bezorgd – glimmend spelgeluk gezien in de ogen van mijn vierjarige neefje – de warmte gevoeld van thuis zijn – zo verdomd rechtuit geweest dat het mijn moeder aan het huilen bracht – tijdens mijn work-out in het park twee vechtende jongens uit elkaar gehaald – gedacht dat ik ook met iemand wilde vechten – teruggedacht aan de belofte dat ik iemands kinderwens ging vervullen

En hoe was jouw zondag?

Ik hoef dit allemaal niet uit te spitten. In de verbeelde werelden die ik schep komen de geleefde gevoelens toch vanzelf aan het woord, terwijl ikzelf in de verbeelding iets rustiger kan ademen.

Waarom begin ik er dan nu over? Omdat ik me vastklamp aan die vijf procent.